Hypermilen komt neer op zo min mogelijk energie verliezen in de keten. Accu -> Motor -> Wielen -> Terug naar motor -> Terug naar accu.
Basisstrategie
Zo veel mogelijk uitrollen op “regen stand 0”. Dan gebruik je de bewegingsenergie optimaal.
Voorspelend rijden: vroegtijdig snelheid laten zakken door uitrollen, anticiperen op verkeer, stoplichten, snelheidsverlaging en rotondes.
Constante snelheid: liever 90 km/h constant dan steeds versnellen en afremmen.
Regenereren
Maximaal uitrollen in regen 0 → dat levert verreweg de meeste winst. Doe dit alleen als er geen achterop komend verkeer is, dit wordt over het algemeen niet gewaardeerd.
Als je echt moet remmen: liever vroeg en licht regenereren dan laat en hard, mits het verkeer het toelaat.
Regen 3 is handig voor stadsverkeer (one-pedal driving), maar voor ultra-milen is regen 0 + anticiperen de koning.
Uitrollen
Als je bij een rotonde aankomt wil je daar arriveren met tussen de 30 en 40 km/h. Uitrollen van 80 km/h naar 30 km/h kan tot wel 1200 meter duren op regen 0. Als je een route iedere dag rijdt dan kom je er op een gegeven moment wel achter wanneer dat je kan gaan uitrollen om perfect uit te komen.
Verliezen
- Banden; smaller en kleinere velg ijn zuiniger. Knijterhard oppompen is zuiniger. 0.2 bar boven wat er in de stijl van de auto staat vermeld.
- Aerodynamica is je grootste vijand boven ~70 km/h.
- Klimaat; Gebruik liever de stoelverwarming dan de luchtverwarming
- Electronica;
Praktisch rijprotocol
1. Snelheid
Snelweg: 90–95 km/h is vaak de sweet spot (lager dan dat kan aerodynamisch nog gunstiger zijn, maar je verliest tijd en kan verkeersgevaarlijk zijn).
Provinciale wegen: 70–80 km/h is meestal ideaal.
Stad: vloeiend meerijden met verkeer, nooit “stop-go” als je het kunt vermijden.
2. Optrekken
Rustig optrekken is meestal beter.
Snel optrekken = piekstromen in de accu → meer interne verliezen + hogere verbruikspieken.
Langzaam optrekken = motor draait efficiënter en je blijft dichter bij de “optimale” stroomafname.
Praktische tip: niet slakkensnel (dan hou je achterliggers op en moet je later misschien harder bijtrekken), maar vloeiend, alsof je met een volle kop koffie in de hand rijdt.
3. Remmen / regeneratie
Regen 0 als standaard → uitrollen zo veel mogelijk.
Regen 1 gebruiken als je écht wat moet bijremmen en ver vooruit ziet dat je snelheid kwijt moet.
Regen 3 alleen in nood of druk stadsverkeer waar one-pedal handig is, maar het kost je netto meer.
4. Bochten, heuvels, hellingen
Heuvel af: regen uit, laten rollen tot snelheid net te hoog wordt → dán licht regen.
Heuvel op: rustig en constant accelereren, niet te veel piekvermogen.
5. Klimaat & elektronica
Zet airco/heating zo veel mogelijk uit of op eco-modus.
Ventilatie en stoelverwarming kosten veel minder dan kachel.
Voorverwarmen tijdens het laden (accu en interieur).
6. Banden
Hoge bandenspanning (binnen veilige marge, max PSI van fabrikant).
Zomerbanden met lage rolweerstand zijn efficiënter dan winterbanden.
7. Accu management
Houd je accu tussen 20% en 80% voor de beste efficiëntie (minder weerstand bij laden/ontladen).
Boven 90% is regeneratie vaak beperkt → slecht voor ultra-milen als je een lange afdaling hebt.
In Nederland is “Het Nieuwe Rijden” gepromoot, en met Hypermilen wil ik hier nog een schepje bovenop doen. Het verschil tussen deze twee:
Het Nieuwe Rijden:
Gericht op praktische brandstof/energie-besparing in het dagelijks verkeer (10–15% winst, comfort blijft).Hypermilen:
Gericht op maximale efficiëntie en recordbereik – comfort en tijd zijn minder belangrijk, elke % telt.
Rijstijl
HNR
Vroeg opschakelen / laag toerental (bij EV: rustig optrekken).
Vroeg anticiperen op verkeerslichten, uitrollen i.p.v. remmen.
Constante snelheid rijden.
Bandenspanning goed, airco spaarzaam.
Hypermilen
Nog trager en gelijkmatiger optrekken dan HNR.
Rijden onder de officiële maximumsnelheid (bijv. 80 km/h op snelweg).
Extreem anticiperen: kilometers vooruit kijken.
Actief regen op 0 en in neutraal laten rollen.
Soms zelfs “drafting” achter vrachtwagens (gevaarlijk en niet legaal).